Vergoeding kosten contra-expertise
Dit arrest van de HR is het vervolg op het arrest van Hof Den Haag van 2 juni 2019, ECLI:NL:GHDHA:2020:940, dat ik eerder in dit blad heb besproken.
Zoek naar artikelen, whitepapers en evenementen.
Dit arrest van de HR is het vervolg op het arrest van Hof Den Haag van 2 juni 2019, ECLI:NL:GHDHA:2020:940, dat ik eerder in dit blad heb besproken.
De consument heeft een rechtsbijstandverzekering afgesloten bij de verzekeraar. De consument heeft een tweetal brieven ontvangen van de rechtsbijstandverzekeraar waarin staat dat hij meer dan gemiddeld een beroep doet op zijn rechtsbijstandverzekering en wat de gevolgen kunnen zijn van het indienen van nieuwe rechtshulpverzoeken.
De partner van de consument heeft onder meer een standaard inboedelverzekering, zonder allriskdekking, en een Kostbaarheden Buitenshuisverzekering bij de verzekeraar. Zij is de verzekeringnemer onder de polis en de consument is meeverzekerd.
Ontwikkelingen zijn niet tegen te houden. En gelukkig maar. Ontwikkelingen bieden nieuwe mogelijkheden. En nieuwe risico’s. In de glasindustrie is het niet anders.
In het vorige nummer besteedde ik aandacht aan HR 28 januari 2022, ECLI:NL:HR:2022:81. Het ging in die zaak om uitleg van artikel 7:959 lid 1 BW in relatie tot polisbedingen van het Achmeaconcern betreffende contra-expertise.
De consument heeft via de website van een tussenpersoon een pakketverzekering aangevraagd, op basis van ‘execution only’. Het pakket bestond uit een opstalverzekering voor zijn woning en een rechtsbijstandverzekering. De consument kreeg vervolgens een geschil over zijn hypotheeklening.
De consument heeft bij de verzekeraar een doorlopende reis- en annuleringsverzekering afgesloten. Op 8 september 2019 boekt de consument bij een reisbureau een rondreis door Zuid-Afrika. De consument heeft aan het reisbureau een aanbetaling van 3.449,31 euro gedaan.
Van een redelijk bekwaam en redelijk handelend adviseur mag worden verwacht dat hij op de hoogte is en ook blijft van de relevante ontwikkelingen in de verzekeringsbranche. Want de adviseur heeft deze kennis nodig om invulling te kunnen geven aan zijn zorgplicht jegens zijn klanten.
De consument heeft op 26 april 2021 een beroep gedaan op zijn woonhuisverzekering in verband met waterschade. Op het schadeformulier heeft de consument aangegeven: ‘De wasmachine is gaan lekken op de zolderetage door een losse slang.
De consument heeft op 21 november 2021 een beroep gedaan op haar rechtsbijstandverzekering ten aanzien van het volgende. De ex-echtgenoot van de consument zal per 1 januari 2022 ouderdomspensioen ontvangen en hij dient daarvan een deel aan de consument af te staan.
Nederlandse bedrijven doen het goed in het buitenland en steeds meer bedrijven openen daar vestigingen of productiefaciliteiten. Logische afweging is dan om ook eens na te denken hoe de bedrijfsverzekeringen hierop aansluiten.
Een redelijk handelend en redelijk bekwaam adviseur heeft als een van zijn kerntaken de verplichting om de aspirant-verzekeringnemer te wijzen op preventie-eisen die de verzekeraar voorschrijft.
De consument heeft bij de verzekeraar een inboedelverzekering met een allriskdekking.
Een faillissement van een (rechts)persoon heeft de nodige (rechts)gevolgen, ook voor de lopende verzekeringen van die (rechts)persoon. De ‘spelregels’ veranderen door het faillissement. Het voortbestaan van de verzekering is niet vanzelfsprekend en de schaderegeling vergt extra alertheid van verzekeraars en makelaars.
Wel of niet achteruitrijden/185 WVW? In februari 2016 vond er een ongeval plaats. De verzekerde van partij B had zijn voertuig met de neus naar de ingang van een seniorencomplex geplaatst om iemand in te laten stappen.
De Hoge Raad heeft zich de afgelopen jaren veelvuldig uitgelaten over de verzekeringsplicht van werkgevers voor hun werknemers.
De consument heeft bij de gevolmachtigde van de verzekeraar een rechtsbijstandverzekering afgesloten. De consument doet vervolgens binnen twee jaar tijd vier keer een beroep op rechtsbijstand.
Een adviseur werkt doorgaans niet met alle verzekeraars samen. Vaak heeft een adviseur (al dan niet via een gevolmachtigd agent) slechts met een aantal verzekeraars een samenwerkingsovereenkomst gesloten.
Consument heeft bij Verzekeraar een autoverzekering. Op enig moment ontdekt Consument bij het wassen van zijn auto een drietal schades, namelijk: een kras links op de motorkap, een deuk rechts in de bumper en een deukje midden in het dak.
De managing director van de voormalig werkgever van de consument heeft Consument per e-mail van 28 maart 2019 aangesproken op zijn houding/functioneren. In die e-mail wordt Consument uitgenodigd voor een gesprek op 5 april 2019.